'Afstuderen voelde extra bijzonder'

Toen Anke* (23) ziek werd, moest ze haar eerste jaar kleuteronderwijs aan de hogeschool noodgedwongen stopzetten. Na een jaar behandelingen hervatte ze haar studie, al bleek die stap fysiek en mentaal zwaarder dan verwacht. ‘Ik heb me dat eerste jaar eenzaam gevoeld. Maar ik ben heel blij dat ik heb doorgezet.’

Anke is een creatieve duizendpoot en werkt het liefst met kinderen. De keuze voor kinderzorg in het middelbaar lag dan ook voor de hand. In plaats van te gaan werken na haar zevende jaar - gebruikelijk na zo’n praktische opleiding - wilde ze verder studeren. ‘Kindjes verzorgen is leuk, maar het is nog leuker om hen iets te kunnen bijbrengen en mee hun talenten te ontdekken.’ En dus startte ze in 2013, op haar 19de, een opleiding kleuteronderwijs aan de hogeschool.

De dokters weten mijn klachten eerst aan stress.

Anke

‘De overstap van BSO naar hoger onderwijs is niet te onderschatten. Daarbij woon ik nogal afgelegen, waardoor ik lang onderweg was naar school. De vermoeidheid die ik aanvankelijk voelde, leek daarom normaal. Maar na enkele maanden had ik echt het gevoel dat ik niet meer kon. De ene verkoudheid na de andere, continu moe en aanhoudende pijn ... Er was duidelijk meer aan de hand.’

Van het kastje naar de muur

‘De dokters weten mijn klachten eerst aan stress. Ik werd van het kastje naar de muur gestuurd. Pas tegen het einde van het schooljaar - ik zat midden in mijn examens - kreeg ik mijn diagnose: lymfeklierkanker. Blijkbaar was het een mogelijke bijwerking van de medicatie die ik nam na mijn niertransplantatie op mijn 12de, maar dat had niemand ons verteld. Het was een zware klap.’

Full size
'Ik ben een jaar niet naar school geweest', zegt Anke. 'Maar ik bleef al die tijd wel ingeschreven, zodat ik mijn statuut als student zou behouden.'

‘Tijdens de zomer werd gestart met immunotherapie. Toen die niet aansloeg, volgde een chemokuur. Die liep af binnen de twee maanden. Ik dacht dat het tegen het begin van het nieuwe schooljaar wel allemaal gedaan zou zijn. Maar in september zagen de dokters uitzaaiingen in mijn bloed en beenmerg. In de herfst moest ik een nieuwe chemokuur krijgen. Uiteindelijk zou mijn behandeling tot de lente van 2015 duren.’

‘Ik ben een jaar niet naar school geweest. Daar was ik te ziek voor. Maar ik bleef al die tijd wel ingeschreven, zodat ik mijn statuut als student zou behouden. De school deed op dat vlak echt haar best: ik mocht een werkstuk uit het eerste jaar later inleveren en de leerlingenbegeleidster hielp met de administratie. Daarnaast kreeg ik af en toe een kaartje of mailtje van docenten. Dat sommigen, zelfs nadat ik zelf niet altijd iets liet weten, zijn blijven mailen, heeft me veel deugd gedaan.’

Moeilijke (her)start

‘Na dat lastige jaar keek ik er enorm naar uit om weer les te volgen in september. Samen met de school werkten we een halftijds programma uit en ik kreeg een standaardbriefje om eventueel verplichte vakken over te slaan als ik me slecht zou voelen. Mijn ouders kochten een extra auto zodat ik de ritten met bus en fiets niet meer hoefde te maken. Ik zag het helemaal zitten. Toch was de opstart zwaarder dan verwacht. Zo’n kankerbehandeling laat zich nog lang voelen. Ik kon me niet zo lang concentreren, was snel vermoeid en overprikkeld.’

‘Ook mentaal was het niet evident. Mijn eerste klasgroep zat ondertussen in het derde jaar. Ik kwam terecht in een nieuwe groep die een pak jonger was dan mij. Iedereen wist wie ik was - ik viel op met mijn korte haar - maar ik werd nooit aangesproken. Ook het feit dat ik niet alle lessen kon volgen, maakte het moeilijk. Zo hoorde ik soms pas over een groepswerk wanneer de groepjes al lang gevormd waren.’

Na die moeilijke start is alles in zijn plooi gevallen.

Anke

‘Misschien had ik zelf de eerste stap moeten zetten, maar dat vond ik niet gemakkelijk. Wanneer je zo lang ziek bent, verlies je wel wat vrienden. Dat maakt dat je, zeker in het begin, voorzichtiger bent. De school heeft me heel goed geholpen met alle praktische zaken, maar voor dat aspect mocht er best wat meer aandacht zijn: een aanspreekpunt, een leergroepbegeleider die mijn situatie kent en het thema even aansnijdt bij de kennismaking in de groep ...’

Kindergeld

‘Studeren na kanker is om wel meer redenen niet evident. Ik vond weinig informatie, kende geen lotgenoten. En administratief botsten we geregeld op problemen. Zo kreeg ik in april, ik was pas 21 geworden, een bericht dat mijn ouders kinderbijslag zouden verliezen. Ik was immers niet ingeschreven voor de 27 vereiste studiepunten waardoor ik niet langer als ‘student’ gold. En aangezien ik ook geen werkzoekende was, had ik ook geen recht op een uitkering.’

‘Mijn ouders hebben er toen samen met de hogeschool voor gezorgd dat ik op de valreep nog voor voldoende studiepunten werd ingeschreven. Die waren natuurlijk weggegooid, want ik kon niet alle lessen volgen, maar zo behield ik mijn statuut. Ik had geluk. Ik had tot dan toe nooit een vak opnieuw moeten doen, waardoor ik punten ‘in reserve’ had. Maar iemand die al eens een jaar opnieuw heeft gedaan, of iemand die het hele systeem niet zo goed begrijpt, komt onvermijdelijk in de problemen. Dat zou toch anders moeten.’

Euforisch

‘Na die moeilijke start is alles in zijn plooi gevallen. Ik deed een vrijwillige stage met een geweldige en begripvolle begeleider. Het jaar erop, toen ik mijn tweede jaar afmaakte, kwam ik in een fijne groep terecht met andere trajectstudenten. Dat schiep een band. En bij het jaarlijkse kennismakingsrondje heb ik deze keer wél mijn verhaal verteld.’

‘In juni 2018, bijna vijf jaar na mijn eerste lesdag, ben ik afgestudeerd. Die dag voelde heel bijzonder. Euforisch was ik. Ik had het écht gehaald. Al blijf ik voorzichtig. Zit er iemand op mij te wachten? Voltijds werken zit er voor mij niet in. Maar ik ben niet minder creatief of minder van kinderen gaan houden omdat ik ziek ben geweest. Daarbij sta ik open voor alles: een ondersteunende functie, freelance of een job met kinderen naast het onderwijs. Al hoop ik toch echt op een eigen klasje. We zien wel. In september start ik met solliciteren. En ik heb er zin in.’

*Wegens privacyredenen is Anke niet de echte naam van deze getuige.